De elektrificatie van bedrijfslocaties gaat snel. Waar een laadpaal eerder vaak als losse installatie werd geplaatst, maakt deze steeds vaker deel uit van een groter energiesysteem.
Op één locatie kunnen zonnepanelen, batterijopslag, warmtepompen, machines en laadpalen naast elkaar aanwezig zijn. Al deze systemen vragen energie of leveren juist energie terug. Wanneer die systemen los van elkaar functioneren, wordt de beschikbare capaciteit niet altijd optimaal benut. Ook kunnen onnodige pieken ontstaan.
Een energiemanagementsysteem, vaak afgekort als EMS, helpt om vraag en aanbod slimmer op elkaar af te stemmen.
Een EMS brengt het energieverbruik, de energieopwek en eventueel de energieopslag op een locatie samen. Het systeem verzamelt continu gegevens. Denk aan het actuele verbruik binnen het pand, de opbrengst van zonnepanelen en de beschikbare capaciteit op de netaansluiting. Op basis daarvan kan het EMS verschillende installaties aansturen. Zo wordt de beschikbare energie verdeeld op een manier die past bij de situatie op dat moment. Het doel is niet om iedere installatie altijd maximaal vermogen te geven. Het gaat er juist om dat de beschikbare energie zo efficiënt mogelijk wordt ingezet.
Laadpalen zijn vaak flexibel aan te sturen. Veel voertuigen staan meerdere uren geparkeerd, terwijl het laden zelf minder tijd nodig heeft. Daardoor kan het laadvermogen op bepaalde momenten tijdelijk worden verlaagd of juist verhoogd. Een EMS kan hier slim gebruik van maken.
Wanneer het energieverbruik in het pand hoog is, kan het laadvermogen bijvoorbeeld tijdelijk worden beperkt. Zodra er weer ruimte ontstaat, kan het laadvermogen opnieuw omhoog. Ook bij veel beschikbare zonnestroom kan het EMS bijsturen. Voertuigen kunnen dan juist sneller laden, zodat lokaal opgewekte energie direct wordt benut.
De laadpaal is daarmee niet langer alleen een stroomverbruiker. Het wordt een regelbaar onderdeel van de complete energievoorziening.
De inrichting van een EMS verschilt per locatie. Een bedrijfspand met zonnepanelen vraagt bijvoorbeeld om een andere aanpak dan een locatie met batterijopslag of een groot elektrisch wagenpark.
Bij een beperkte netaansluiting kan een EMS voorkomen dat de maximale capaciteit wordt overschreden. Wanneer machines of andere installaties tijdelijk veel vermogen vragen, worden de laadpalen automatisch teruggeregeld.
Op een locatie met zonnepanelen kan het EMS ervoor zorgen dat voertuigen zoveel mogelijk laden wanneer er veel eigen opwek beschikbaar is.
Ook een batterij kan onderdeel zijn van het systeem. De batterij kan energie opslaan wanneer er een overschot is en vermogen leveren wanneer de vraag tijdelijk hoog is.
Daarnaast kunnen prioriteiten worden ingesteld. Een bedrijfsbus die vroeg moet vertrekken, kan bijvoorbeeld voorrang krijgen op een voertuig dat pas later op de dag nodig is.
Load balancing en energiemanagement worden regelmatig door elkaar gehaald. Toch is er een belangrijk verschil.
Load balancing richt zich vooral op de beschikbare capaciteit van de aansluiting. Het laadvermogen wordt automatisch aangepast om overbelasting te voorkomen. Een EMS kijkt breder. Het systeem kan naast laadpalen ook zonnepanelen, batterijen en andere energieverbruikers meenemen. Daarmee kan een EMS niet alleen pieken voorkomen, maar ook sturen op energieprijzen, eigen opwek en bedrijfsprioriteiten.
Load balancing kan dus onderdeel zijn van een EMS, maar energiemanagement gaat een stap verder.
Om een laadpaal aan te sturen, moet het EMS gegevens kunnen uitwisselen met de lader. Hiervoor wordt vaak gebruikgemaakt van een communicatieprotocol, zoals Modbus. Via deze koppeling kan het EMS bijvoorbeeld uitlezen hoeveel vermogen een laadpaal gebruikt. Andersom kan het systeem doorgeven hoeveel vermogen op dat moment beschikbaar is. De exacte mogelijkheden verschillen per laadoplossing en per situatie. Daarom is het belangrijk om vooraf goed te kijken naar de gewenste werking.
Hoeveel laadpunten worden geplaatst? Welke uitbreidingen worden in de toekomst verwacht? Welke systemen moeten samenwerken? En wat moet er gebeuren wanneer de communicatie tijdelijk wegvalt?
Door deze vragen vooraf mee te nemen, voorkom je verrassingen tijdens de installatie en inbedrijfstelling.
Een EMS is niet alleen relevant voor grotere DC-snelladers. Ook AC-laadpalen kunnen onderdeel worden van het energiesysteem. Welke oplossing het beste past, hangt af van de locatie, het beschikbare vermogen en het gebruik van de laadpunten.
Binnen het assortiment van Lanova kunnen zowel de AC- als DC-laders worden opgenomen in een energiemanagementsysteem. Voor de technische integratie kunnen wij op aanvraag de beschikbare Modbus-protocollen delen.
Een toekomstbestendige laadinstallatie begint niet alleen bij de keuze voor een laadpaal. Het is verstandig om vanaf het begin naar het complete energieplaatje te kijken. Welke netaansluiting is beschikbaar? Is er eigen opwek aanwezig? Komt er batterijopslag? En welke uitbreiding wordt in de komende jaren verwacht? Door de laadoplossing vanaf het begin mee te nemen in het energiemanagement, ontstaat een systeem dat beter aansluit op de huidige én toekomstige energiebehoefte.
Wil je meer weten over laadoplossingen in combinatie met een EMS? Neem contact met ons op. We vertellen je er graag meer over en denken mee over de technische mogelijkheden.